Alle berichten door dentoonder

te koop: poëzie ed…..

84 Goedkope Gedichten. En 3 Gratis!
Waarom betitelt Gerard den Toonder zijn gedichten als goedkoop?
Het is aan de lezer om dat te ontdekken, op zoek naar een onderhuidse boodschap. Gerard den Toonder beziet het leven steeds meer beschouwend en liefdevol. In zijn gedichten laat hij de fantasie de vrije loop: persoonlijke gedachtenkronkels, waarheid en bedrog, de zee en zijn geliefde bergen, mijmeringen, benarde situaties, alledaags gedrag van mensen; kortom het leven in alle facetten.
Hij schrijft met humor en milde spot, liefhebber als hij ook is van de zelfkant van het leven.
Liefde echter voert de boventoon door zijn bundel heen; het belangrijkste in het leven is voor hem immers de liefde.
En die liefde voor al wat leeft is gratis, maar zeker niet goedkoop.

84 Goedkope Gedichten en nog 3 gratis!
Eerder publiceerde Gerard den Toonder de boeken ‘Cowboy in Nepal, bergsportverhalen’ en ‘Maandagmorgen in Dordrecht’, over het leven in die stad.
Hij schreef honderden columns en korte verhalen, gratis te lezen op zijn website: http://www.gerarddentoonder.com

ISBN. 9789403612775

Het was een gouden dag en de herfst zal snel zijn

Evenals het vonnis dat mij wacht en waarvan men mij beticht
ik zal terecht staan voor mijn rechters en die mijn beulen mogen zijn
recht zal ik in de lopen kijken en ze zijn geolied en op mij gericht

Hier sta ik, ik kon niet anders en ze weten dat ik hen veracht
ik heb mijn graf alvast gegraven haarscherp en recht en diep
laat de wind dan komen van de bergen en laat het donderen met kracht

Ik deed wat van mij werd verwacht en niets anders meer dan goed
de lijnen volgend van haar hand en waar mijn hart mij stuurde
verblind door dat Andalusies zwarte haar verdwalend in de nevelen van bloed

Hoe kon ik weten van de kille liefdesdolk verborgen in gesloten ogen
hier sta ik, onbevangen en oprecht, onschuldig en ontkleed
het was een gouden dag en het zal te laat zijn voor berouw of mededogen

(3 van 7-7)

Kundalini

Wanneer de zon en maan
en de bekende donderslag
bij held’re hemel samengaan
in die split second ken ik
van magnetisme het bestaan

Wanneer Zij rechtstreeks neerdaalt
uit die hemel hier ver vandaan
in dat onbekende paradijs verdwaalt
bliksemt over grazige weiden
daar mij voorgoed onderuithaalt

Dan zal Zij mij ten gronde richten
naar de randen van de afgrond
zal Zij niet eerder zwichten
tot ik in de goot beland
verwoestend zal Zij brandstichten

Dan rest mij slechts een capituleren
mijn chakra in haar handen leggen
zal Zij mij hypnotiseren en
terugvoeren naar diezelfde vredige weiden
zal Zij de zon magnetiseren

(3 van 7-6)

Sproetjes

Het was een gouden dag
voor ijsjes met een wafel
en langzaam luieren
en langzaam kuieren
op een uitgestrekte boulevard
een blonde jongen op de tafel
duizend belletjes in het glas
en háppen in die schuimkraag

Eén ding was wel jammer
dat kon nu even niet
met omweg om de drank
je zou van minder flippen
tergendgroot verlangen
de bittere smaak als weerklank
duizend druppels op het glas
en het schuim nat op je lippen

Weemoedig lag hij achterover
in de stralen van de zon
zij naast hem zo vertrouwd
heur haar in gemberkleur
haar lichaam als de lente
madeliefjesgeur
bespikkelend met stipjes
duizend sproetjes goud

(3 van 7-4)

Geen gewone mist

Een mist waarvan ik wist
dat die ooit komen zou
een deken nat en zwaar
die ik niet hebben wou
transparante ochtenddauw
je wimpers zwart en lang
je huid als nattig dons
voortdurend bang
druppel aan je neus

Geen gewone morgen
achter mistgordijnen
zul je gaan verdwijnen
en grijze pijn bezorgen
was wel te verwachten
dat je ‘t sprookje uitblies
na langdurende nachten
nabeeld op mijn netvlies
wat speelt zich in je brein
blijft voorgoed geheim
oplossend in nevels van de tijd
just fading out

(3 van 7-3)

Toevallige Passant

-Zijn wij dat niet allen-
wandlend door het leven
komen w’ elkaar tegen
op de eerste beste afslag
is dat van hogerhand bepaald
per toeval daar verdwaald

Op de crossroads blijven staan
hoe daar verder gaan
je mist haar op de splitsing
waar zij de hoek om ging
nog een kans is je gegund
heus, op het drielandenpunt

(3 van 7-2)

Beroofd

Van zijn dromen
en illusies
van zijn onschuld
en zijn eerbaarheid
van zijn toekomst
en zijn jeugd
van zijn visacard
en gevoel voor humor
van zijn liefde
en zijn schoonheid
van zijn optimisme
en zijn trots
van zijn rijkdom
en zijn vrijheid
van zijn fantasie
en levenslust
berooid bleef hij achter

(3 van 7-1)

In den ouden blokhut

De soep zal rood zijn
en heet en de brochettes
krummelen en kraken
laat de groene luiken dicht
ik zal het laten smaken

De zalm zal zwemmen
in de extra virgine
met dat ene teentje, gezond
laat de oude kachel hoog
aan mij ligt het niet, die avond

De wijn zal koud staan
en wit en lekker koel
laat de wolven huilen in het woud
de witte kaarsen aan
ik weet waar ze van houdt

(2 van 7-7)

Gebroken Dromenpad

over het gebroken dromenpad
smal en kronkelig
is het lastig kruipen

Het pad is lang en smal
met scherven geplaveid
met ravijnen overal
en in mijn knieën snijdt

Vol met duistere geheimen
en vrouwen die daar wachten
nooit gehoorde melodieën
en gefluisterde gedachten
iets te gekke fantasieën

En onbereikbaar diep
die ene droom die
ongeschonden bleef

(2 van 7-6)