
Kijk, ik ben er natuurlijk ook één, één van die honderdduizenden mensen die zich verstoppen achter hun laptopje en op een zondagmiddag of misschien midden in de nacht heerlijk hun gedachten toevertrouwen aan de geheime krochten van dat apparaat. Die verder zwoegen om een eind te breien aan dat verhaal, of de inspiratie uit hun tenen proberen te halen, of die niets vermoedend op straat lopend iets zien en plots een idee hebben om over te schrijven. En dat laatste overkwam mij zojuist.
Ik was er al eerder omheen gelopen, heel voorzichtig in het hoge gras, alle hondenpoep ontwijkend, om dat vreemde beeld dat er al heel lang staat. Daar op de Wantijdijk, plompverloren neergezet lijkt het. Hufterproef, dit haal je niet even weg, een groot liggend rotsblok en een dikke staalplaat met zware kettingen. Ik was op zoek naar iets van een naamplaatje, wie heeft dit gemaakt en hoe heet het. Niets te vinden, Google Lens komt niet verder dan dat wat ik net beschreef. De beeldbank van de gemeente, over kunst in de openbare ruimte kent het ook niet. Zojuist dus, toen ik er nogmaals heen liep, om te kijken of er echt geen naam op staat, zag ik het van een andere kant, ik loop normaal nooit zo. Over het van den Broek-erf richting het van Ravensteyn-erf. Van heel ver piepte de wolk, want dat is het, die staalplaat, net boven de rand van de dijk uit. Precies boven de donkergroene taxusheg van de rotonde, symmetrisch achter de waterpartij met de twee bruggetjes. Dat kan geen toeval zijn, daar is over nagedacht. Naarmate je de dijk nadert verdwijnt hij uit het zicht om met elke stap op de laatste treden van de trap omhoog weer zichtbaar te worden. Laat maar zitten ook, die titel. Zodat iedereen er zijn eigen naam of ideeën bij kan bedenken. Een wolk, vastgeketend met dikke kettingen aan dat rotsblok. Zodat die niet weg kan zweven, hier blijven! Een wolk, een droom, een idee. Kunst.
Toch niet, ik liet het er niet bij zitten, zocht contact met het gemeentearchief en kreeg direct antwoord, maar dan van het Dordrechts museum. Uitgebreid zelfs en wat ik nooit had gedacht, het beeld is van Marinus Boezem. Die van ‘De Groene Kathedraal’, landart bij Almere, 178 honderd populieren in het klassieke patroon van een kathedraal. Wat ik geweldig mooi vind, het idee dan, want populieren worden niet zo oud en het schijnt al wat in verval te zijn. Ik ken nog een ander beeld in Dordrecht dat ook van Boezem blijkt te zijn. ‘Schaduw’, de in zwart graniet gevatte schaduw van de boom ernaast op een bepaald tijdstip op een bepaalde dag, prachtig idee. De boom is omgezaagd en het beeld ligt nu op een andere plek, bij schouwburg Kunstmin, gewoon onder een andere boom, het maakt het verhaal alleen maar mooier. Nu terug naar ’de Droom’. Het blijkt ‘Lifting a cloud’ te heten. En ook dit beeld stond eerst ergens anders. Met meer beelden van andere kunstenaars stond het tien jaar lang op een braakliggend terrein, waar eerst de ‘Victoriafabriek’ stond, in afwachting van de bouw van een winkelcentrum. Voor mij persoonlijk ook weer leuk; ik maakte stiekem foto’s in die leegstaande fabriek, afbraak, verval en in zwart-wit.
Op de Wantijdijk, die enorm breed is voor zo’n klein watertje als het ‘Wantij’, valt het beeld niet erg op. Waarschijnlijk zijn er Dordtenaren die er regelmatig langsfietsen of wandelen die het niet eens kennen. Ik hoorde iemand zeggen; ‘als het weg is mist Dordrecht niets’. Uit de beschrijving van het Museum: ‘Boezem verbindt hier het vluchtige van de lucht met het blijvende van een miljoenen jaren oude gestolde steen’. ‘Lifting a cloud’, van mij mag het blijven, voor altijd.








