Goh!

wat had hij toch een ongelofelijke zin
Om als een gek te rijen
zich te bezuipen
verliefd te vrijen
Om iets gevaarlijks te doen
iets verbodens
een bushokje in elkaar te rammen
Om keiharde muziek te draaien
tegendraads te drammen
de politie op te naaien
Om nachtenlang zich in het zweet te dansen
iets in de fik te steken
ouwerwets te sjansen
Om iets kapot te breken
de bergen in te trekken
zo’n zin in een lekker wijf
Om lekker dwars te zijn
desnoods een wappie
in iets te roken, fijn
Om urenlang te swingen
ergens op te klimmen
en te diep eraf te springen
Om te feesten tot het licht wordt

Niks niet nevernooit
geen lockdown avondklok
geen gedonder, ervandoor
Om niet voor negen thuis te zijn

(2 van 7-5)

De ochtend dat jij vertrok

de zon was op maar verschool zich nog
achter de bergen aan de overkant
in de schaduw jouw profiel
het laatste dat ik van je zag

Ochtenddauw glansde op de almen
de sparrenbomen stonden wat te dromen
onverwachts zei je gedag
de dag nog aan het talmen
maar mijn leven was voorbij

De zon klom langzaam hoger
achter de bergen aan de overkant
de schaduw trok zich terug
gelijkertijd groeide het besef
jij keerde me je rug

Ook de bergen aan de overkant
keken vragend op mij neer
in de kamer hangt nog wel jouw geur
je liet me achter vol met vragen
je vertrek een open deur

Hoe moet ik verder nu bestaan
in de schaduw van de bergen
die ochtend dat jij vertrok
waar ben ik fout gegaan
ben ik jou verschuldigd

Ik zie je grote ogen nog
verwijtend en bedeesd
die ochtend dat jij vertrok
ben je hier wel echt geweest
of was je aan de overkant

(2 van 7-3)

Engelen

O ja, laatst was het weer zover
ik had engelen op visite
gezellig

We spraken over lang geleden
waar we woonden toen                              
in tempels van de vrede
met het verse hemelbrood
en die goddelijke drank               
als herrezen uit de dood
uit gulle liefdesbekers

Daarna wegzwevend
de gelukswolk van thermiek
nachtelijke vergezichten herbelevend
met ontzaggelijke vaart
door dat inktzwarte heelal
als kometen zonder staart
in een stilte als van tinkelend kristal

Het was daar
waar er zeeën van tijd zijn
en meren vol verlangen
daar was de liefde even onontkoombaar
als de zwaartekracht

(2 van 7-2)

Wolkendag

Een bewolkte dag
een dag met wolken
in die wolken
zie ik je gezicht
ze vormen een gedicht

Een wolk van een dag
en die wolken
vormen ook je lichaam
mogen de goden verhoeden
dat de zon gaat schijnen
en jou zal doen verdwijnen

(2 VAN 7-1)

Zwijgend

Strekte de toekomst zich uit
aarzelende eerste stapjes
op de lege steppes van het leven

Een leven later
is alles dat resteert
slechts
uitgestelde dromen
verdampte idealen
tweedehandse plannen
berekenend geluk

Slechts
als bandensporen
verdwijnend in het zand

(1 van 7-7)

Alleen de maan en ik

alleen de maan en ik
zijn wakker

De nacht is zwart
de zwarte nacht
net als mijn kamer
en alles wat ik zo bedacht

De nacht is leeg
zoals de fles, de kamer en mijn hoofd
mijn lege hart
ik dans met jou door de nacht
de nacht is zwart

Zoek je overal
dans met jou
patronen op de vloer
jouw geest vloeibaar in m’n armen
het lege en dat koude, dat zwarte heelal
en de maan en ik

(1 van 7-6)

Jouw linker

Welk een verschijningsvorm,
die sculptuur, dat silhouet
als gemarmerd van albast
die elegantie en geen greintje vet
dat design qua vormgeving
de maat zo helemaal goed
een bloemlezing
vloeiend waar het vloeiend moet
en hoekig daar waar hoekig
en dan die teentjes aan je voet
een stuk of vijf
als wolkjes bij de dageraad
keurig op een rij
in volgorde van formaat
(en liefst een beetje vuil en bruin)

Maar nu nog gekker
in spiegelbeeld
simultaan
nóg zo een
jouw rechter

(1 van 7 – 5)

Jaloezie

Het was grijs
het was middag
en waterkoud

Het was haar vreemd
ze kende het niet nee
dacht ze, jaloersheid
tot ze het toch ontdekte
een ijsschots in een groene zee


Haar ogen hard en kil
schoten geladen pijlen
gevuld met giftige jaloezie
vol, midden in zijn
onschuldige poëzie

(1 van 7-4)

Villa Tuinzigt

Ik ben de grote Quarantaineman
onbeholpen en charmant
de verlegen womanizer
zelfverzekerd in elke stand

Onvolwassen en bedachtzaam
roekeloos en eclatant
de introverte feestneus
van virus geen verstand

In bezit van diverse identiteiten
niet geremd door obsceniteiten
complotten of voldongen feiten
stommiteiten die mij spijten

Ik ben de grote Lockdownman
barmhartig en galant
de schizofrene visionair
gooi alles aan de kant

Het leven is toneel, een rollenspel,
opera, een musical, de hel
incognito of pseudoniem
nu dan heerlijk anoniem

Ik zet mijn personages voor het blok
opgesloten Avondklok
eindelijk mijzelven zijn
Villa Tuinzigt is best fijn

(1 van 7 – 3)